Extreme regen in Nederland: wat meet het KNMI, en wat betekent dat voor uw tuin?
Wie een terras of oprit aanlegt, bouwt voor tientallen jaren. De neerslagcijfers van het KNMI laten zien waarvoor.
Gepubliceerd op .
Kort antwoord
Dagelijkse regenextremen zijn de afgelopen eeuw met 20 tot 30 procent toegenomen. Dat meldt het KNMI over metingen op 102 neerslagstations sinds 1910. Uurneerslag van na 2000 is ongeveer 15 procent hoger dan van ervoor.
Wat gemeten is
Het KNMI schrijft: „In het algemeen zijn neerslagextremen over de laatste 50 tot 100 jaar toegenomen.” Het gaat vooral om het zomerhalfjaar. Uurmetingen lopen vanaf 1951; het aantal stations was in de jaren vijftig klein. De stijging is groter dan alleen de opwarming verklaart, schrijft het KNMI.
Wat verwacht wordt
De KNMI’23-klimaatscenario’s verwachten meer hevige buien. Voor een zomeruurbui die nu gemiddeld eens per jaar valt (16 mm) staat voor 2100 in de hoge uitstootscenario’s een toename van +15 (5 tot 26)% of +31 (17 tot 46)%; in de lage scenario’s +4 (2 tot 6)% of +6 (3 tot 8)%. STOWA (de kennisorganisatie van de waterschappen) komt met statistiek van De Bilt over 1906 tot en met 2022 tot dezelfde richting: in alle scenario’s een toename van extreme neerslag.
Wat dit niet zegt
- Het zijn landelijke trends en scenario’s, geen voorspelling voor uw straat.
- Niets hiervan meet de afwatering van een tuin; zie doorlatende bestrating voor een Nederlandse meting op 29 locaties.
Wat u ermee kunt
Bij het aanleggen van een terras of oprit is de vraag niet alleen hoeveel zand, maar ook waar het water heen kan. De hoeveelheid rekent u uit op hoeveel zand heeft u nodig onder tegels of klinkers; de afwatering bespreekt u met uw stratenmaker.
Bronnen
De maten in dit artikel komen uit de documenten hieronder en staan er als citaat in. Wij nemen geen getal over dat wij niet zelf in een genoemde bron hebben gelezen.
- KNMI, Extreme neerslag (uitleg) — gelezen 30 oktober 2026.
- KNMI’23 klimaatscenario’s voor Nederland, gebruikersrapport (2023) — gelezen 30 oktober 2026, tabel 1.
- STOWA 2024-37, Neerslagstatistiek KNMI’23 — gelezen 30 oktober 2026.